Skip to content

Maassluise Courant - De Schakel

vrijdag 30 juli 2010
Pagina instellingen
Narrow screen resolution Wide screen resolution Auto adjust screen size Increase font size Decrease font size Default font size
U bent hier: Hoofdpagina arrow Nieuws arrow Jaap Kroonenburg is nog steeds verliefd op Garrelsorgel
Jaap Kroonenburg is nog steeds verliefd op Garrelsorgel PDF Afdrukken E-mail
donderdag 04 februari 2010
MAASSLUIS  - Organist Jaap Kroonenburg presenteert komende zaterdag zijn nieuwe dubbel-cd ‘Caleidoscoop’, samengesteld aan de hand van de vele verzoeken die hij in de loop van de jaren van concertbezoekers kreeg.

door Chrit Wilshaus

Op de cd’s staan ‘Hollandse klassiekers’ als het ’Lutherlied’ van Jan Zwart op cd1 en  ‘evergreens’ als ‘Air’ van John Stanley op cd2. De dubbel cd kost 20 euro en desgewenst kan Kroonenburg de cd’s signeren.

Jaap Kroonenburg vierde onlangs het heugelijke feit dat hij 25 jaar als organist verbonden is aan de Grote Kerk en aan het Garrelsorgel. Maar ook voor die tijd, vanaf 1972, was hij al achter de speeltafel van het beroemde en veel geprezen orgel te vinden. En in de jaren dat het orgel gerestaureerd werd, tussen 1976 en 1978 was dat, speelde hij op het vervangende orgeltje.”Dat stond achter het koorhek. In die tijd was Feike Astma, vaste bespeler van het orgel, in het buitenland. Toen hij terugkwam liet hij weten niet op dat orgel te willen spelen. ‘Dan heb ik nog liever een Johannes orgel’, zei hij. “Daar had hij een goede connectie mee. Het Johannes orgel was een elektronisch orgel. En dus vroeg Feike Astma mij of ik gedurende de restauratie de diensten wilde begeleiden. Op een gegeven moment heeft de kerkvoogdij gevraagd of ik niet tweede organist wilde worden naast Feike Astma. Want als hij niet speelde, was het nauwelijks bekend wie hem verving. Toen ben ik benoemd tot tweede organist; als vaste vervanger. Maar de officiële benoeming kwam pas na het overlijden van Feike Astma in december 1984. In de loop van het jaar daarna ben ik met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 1985 benoemd als eerste organist van de Grote Kerk. En dat hebben we onlangs dus gevierd. Ik ben de 18e organist van de Grote Kerk. In al die jaren heb ik al heel wat predikanten, en kosters de revue zien passeren.”

Werd je als opvolger van Astma niet steeds met hem vergeleken? “Ik ben altijd geboeid geweest door zijn spel omdat hij het anders deed dan anderen. Hij werkte veel met klankkleuren. Zijn manier van spelen was voor mij ook de aanleiding om op les bij hem te gaan. In die zin ben ik een navolger van Feike Astma maar ik ben geen kopie van hem en dat is maar goed ook want je moet als organist ook je eigen karakter hebben. Maar in het koraalspel en de koraalbewerkingen heb ik wel dezelfde stijl als Feike Astma. Maar hij heeft wel altijd tegen mij gezegd: ‘Zolang je hier zit zal de schaduw van mijn naam over je heen liggen. En dat merk ik wel eens omdat er wel mensen zijn die zeggen: “Oh, speel jij in Maassluis op het orgel van Feike Astma?’ Het is uiteraard de verdienste van Feike Astma geweest dat het orgel in binnen- en buitenland bekendheid heeft verworven. Er zullen ongetwijfeld mensen zijn die Feike Astma missen; het was ook een bijzondere organist. Ik zelf mis hem ook nog wel eens en het is alweer 25 jaar geleden dat hij overleed.”

Het orgel is altijd heel belangrijk geweest in het leven van Kroonenburg. Maar hij heeft van organist zijn nooit zijn beroep gemaakt; zijn brood verdiende hij tot een paar jaar geleden als docent op het Groen van Prinsterer in Vlaardingen. “Omdat ik er niet van hoefde te leven heb ik het altijd heel ontspannen kunnen doen. In de jaren van Feike Astma speelde ik al in het land, minder dan nu, maar ik had het dan ook druk met het goed voorbereiden van die concerten. En toen ik in de Grote Kerk benoemd werd als organist, heb ik een parttime functie op school genomen omdat ik het dan beter kon combineren met mijn functie van organist. In dat opzicht was het natuurlijk meer dan een hobby. En dat is misschien wel ideaal. Ik ken genoeg collega’s die taken erbij moeten doen, soms ook niet graag, vanwege de inkomsten; dat is mij gelukkig altijd bespaard gebleven.”

“Muziek heeft altijd een grote rol gespeeld in mijn leven. Het begon thuis met klassieke muziek. Als jongen van een jaar of 12 had ik pianoles en mijn vader was erg onder de indruk van Bram Bruin, een leerling van Jan Zwart. Feike Astma was ook een leerling van hem. Af en toe kocht hij wel eens een plaatje en dat trok mij toch meer dan het pianospel en zo ging ik bij Bram Bruin op les met mijn vader. Die moest vanwege zijn werk al vrij snel daarna afhaken. Op een gegeven moment ging in het dorp waar ik destijds woonde, Sint Pancras, een van de organisten weg en ging ik samen met twee leeftijdsgenoten, ik was een jaar of 14 op dat moment, de diensten begeleiden.”

Image
Kroonenburg: “Ik ben heel blij dat ze het orgel samen met de orgelcommissie altijd in zo’n goede staat hebben gehouden.”
 

In de afgelopen 25 jaar nam Kroonenburg met het Garrelsorgel ruim 20 cd’s op en komende zaterdag komt daar een nieuwe bij: de dubbel-cd ‘Caleidoscoop’: Populaire orgelwerken op verzoek.’ Bij het maken van orgelopnames voor de cd komt volgens Kroonenburg nog heel wat kijken. “Zo heb ik eens een opname gemaakt in de Lutherse Kerk in Den Haag en dat moest omdat er overdag teveel geluidshinder was door het verkeer ’s nachts gebeuren. In de Grote Kerk heb je dat probleem niet; het is hier vrij rustig. Waar je wel rekening mee moet houden, zijn de klimatologische omstandigheden van de kerk. Verder kunnen we het carillon afzetten. Het slagwerk kunnen we niet uitzetten maar daar heb je in de kerk niet zo’n last van; helemaal niet als je een harde passage aan het opnemen bent. En verder moet je er rekening mee houden dat de kerk ook fungeert als een klankkast. Ik ben in een heel unieke positie gekomen dat ik eigenlijk ieder jaar opnames mag doen, zolang de kosten betaald kunnen worden uiteraard.”

Bach
De ‘aandrijving’ van het orgel met lucht is vroeger altijd een zorg geweest. Kroonenburg: “Dat moest vroeger gebeuren met menskracht en het constant onder druk houden van het orgel voor een zuivere klank was vroeger niet eenvoudig. Van de oude Bach is bekend dat hij vroeger alle registers opentrok om te testen of een orgel wel genoeg wind had. Tegenwoordig hebben we dat probleem niet meer en werken we met windkamers waar lucht in wordt opgeslagen die, indien nodig, direct beschikbaar is. Aan de andere kant moet je groot respect hebben voor de praktijkervaring van de orgelbouwers destijds. Die oude orgels hebben een schoonheid die de moderne orgels soms missen. De orgelpijpen werden vaak in de kerk gemaakt, in de ruimte beluisterd en als ze niet goed waren, werden ze omgesmolten en opnieuw gemaakt. De orgels werden en worden gemaakt voor de gebouwen of kerken waarin zij staan.”

Volgens Kroonenburg hebben de Kerkrentmeesters van de Grote Kerk altijd heel veel op gehad, en nog, met het orgel. “Ik ben heel blij dat ze het orgel samen met de orgelcommissie altijd in zo’n goede staat hebben gehouden. Dat geldt overigens ook voor het kerkgebouw. En dat is al zo sinds ik in Maassluis kom. Het is ontegenzeggelijk waar dat een orgel veel onderhoud nodig heeft en dat dit hoge kosten met zich meebrengt. Ik  heb nog nooit een kerkvoogdij meegemaakt die zo makkelijk en snel een besluit nam over een restauratie van het orgel, zoals in 1976. Het draagvlak voor het orgel is ook groot in Maassluis maar ook daarbuiten wordt het orgel op waarde geschat.

Het baart Kroonenburg zorgen dat steeds minder jeugd in aanraking komt met het orgel. “Ik probeer ook met de rondleidingen de belangstelling voor het orgel te wekken. En verder door de eerste en tweede klassen van middelbare scholen de mogelijkheid te geven om naar het orgel te komen luisteren en er over te vertellen. Want naast een functie in de eredienst heeft het orgel ook nog een andere functie: bij concerten om naar te luisteren. Zelf geloof ik overigens niet zo in het populariseren van orgels; dus jazz spelen op het orgel. Dat kan heel leuk zijn maar dan als een muzikaal uitstapje. Ik denk dat de orgelmuziek zoals ze zich in alle eeuwen ontwikkeld heeft het waard is om nog steeds te worden vertolkt. Afgezien van allerlei leuke dingen die je er omheen kunt verzinnen. Uiteraard is het samenspel ook heel belangrijk. Ik hoop dat het nog eens mogelijk wordt om het orgel te laten klinken samen met andere instrumenten bij Muziek tussen Maas en Sluis. Er zijn prachtige concerten geschreven voor orgel en orkest.”

Kroonenburg vindt het nog steeds een gemiste kans dat de Bach Cantates moesten worden stopgezet bij gebrek aan subsidie door de gemeente. Ik heb er wel begrip voor dat de gemeente het financieel niet gemakkelijk heeft en dat cultuur in Maassluis breder is dan alleen concerten in de kerk maar dat neemt niet weg dat ik het jammer blijf vinden dat we moesten stoppen met de Bach Cantates.
Maar wie weet helpt het als de gemeente nog eens een eenmalige bijdrage wil leveren.”
 
< Vorige   Volgende >